Interview met vrijwilliger Bedia Kas

Bedia Kas is vrijwilliger bij Budgetmaatjes 010 (onderdeel van alliantiepartner LSTA). Tv-programma’s als Uitstel van Executie en Een dubbeltje op zijn kant hebben Bedia op het spoor gezet van Budgetmaatjes 010. In dit interview deelt ze haar ervaring als schuldhulpvrijwilliger. Bedia vertelt wat haar drijft, waarom persoonlijke aandacht zo belangrijk is en heeft tips voor toekomstige vrijwilligers.

Bedia Kas

Waarom Budgetmaatje?

Tv-programma’s als Uitstel van Executie en Een dubbeltje op zijn kant hebben Bedia op het spoor gezet van vrijwillige schuldhulp. En toen via het initiatief ‘Rotterdammers voor elkaar’ de oproep kwam voor nieuwe vrijwilligers, wist ze het zeker: ze wilde vrijwilliger worden! De rol van schuldhulpvrijwilliger past goed bij Bedia, ze heeft een tijdlang gewerkt in de administratie en als Consulent Schuldhulpverlening.

Leven van een klein budget

‘Ik ben zelf gewend om mijn administratie goed bij te houden en te budgetteren. Schulden heb ik gelukkig niet gehad, maar ik zat wel een tijd met hoge vaste lasten. Ik weet wat het is om tijdelijk te leven van een wat kleiner budget en hoe belangrijk het is om bijvoorbeeld je bankafschriften te checken.’ Een reorganisatie op haar werk was voor Bedia de aanleiding om na te denken over haar werk en opleiding. Zo is ze de opleiding Sociaal-Juridische Dienstverlening gaan volgen.

Training voor vrijwilligers in de schuldhulpverlening

‘Je krijgt een goede training voor je als vrijwilliger start. We kregen veel informatie over allerlei soort schulden, maar ook over wat het met mensen doet als ze schulden hebben. Kort daarna werd ik voor het eerst gekoppeld aan een hulpvrager. Budgetmaatjes 010 kijkt vooraf goed of je zelf stabiel bent. Dat is belangrijk, voor jezelf en voor de hulpvrager. Het inzetten van, bijvoorbeeld, ervaringsdeskundigen is mooi, maar je moet het echt goed kunnen: de hulpvraag van een ander scheiden van je eigen verhaal.’

Eerste koppeling

‘De eerste keer werd ik gekoppeld aan een jonge vrouw. Het was echt een eyeopener, als je ziet hoe iemand woont, als je iemand ziet worstelen met weinig middelen. Dan krijgt het een gezicht. We begonnen met de boel ordenen, overbodige post weggooien, in kaart brengen wat wanneer moet worden betaald, betalingsregelingen treffen. We zijn ook gesprekken gaan oefenen. Ze had veel stress als ze moest bellen met een instantie. We oefenden om vriendelijk en verstaanbaar te praten. Vervolgens luisterde ik mee met haar gesprek en na afloop keken we samen terug. Kleine dingen kunnen soms het verschil maken, dat pakte ze goed op. Bied zelf aan om je naam te spellen, praat met een glimlach, bedenk vooraf wat haalbaar is, dat soort dingen. Die coaching hielp haar.’

Waarom zou je vrijwilliger worden?

‘Vrijwilligerswerk draait om voldoening, maar dat zie je aan het begin nog niet. Ik had het geluk dat mijn eerste koppeling was met iemand die echt wilde leren, die actief naar verbetering zocht en openstond voor begeleiding. Als iemand verder komt met jouw ondersteuning, geeft dat echt voldoening! Daarnaast zijn er ook praktische beloningen: je ontwikkelt jezelf, je doet mensenkennis op en kennis van de doelgroep. Dat is ook interessant voor bijvoorbeeld studenten Social Work en Sociaal-Juridische Dienstverlening, als aanvulling op hun opleiding. Als vrijwilliger volg je diverse cursussen over budget gerelateerde zaken, financiën, de psychologie van de schuldenaar. Er zijn intervisiebijeenkomsten, waar je casuïstiek bespreekt. Je maakt deel uit van een mooie organisatie. Dat krijg je allemaal, als je vrijwilliger wordt.’

Persoonlijke aandacht

Bedia vervolgt: ‘De dienstverlening is beperkt tot contact bij de gemeente, het buurtcentrum, of op de werkplek. Als Maatje kom je bij de mensen thuis – dat is persoonlijker. Daarin maakt een vrijwilliger het verschil. De ervaring als Maatje helpt me ook bij mijn werk. Als werkbegeleider van de gemeente heb je natuurlijk geregeld contact met je cliënten op hun werkplek, bij de gemeente, of telefonisch. Maar aan de buitenkant zie je niet altijd hoe het gaat met iemand. Jongeren lopen er op straat misschien wel helemaal opgetut bij: merkkleding, nepnagels, nepwimpers, maar thuis gaan ze niet zo fancy gekleed. Pas als je binnen bent, zie je de armoede. Dan wordt zichtbaar dat het er een administratieve chaos is. Je ziet wat er ligt, of de vaat er nog staat, of het bed opgemaakt is. Je ziet iemands gesteldheid. Dat zegt meer dan een telefoontje kan. Je schudt mensen wakker door in hun privégebied te komen. En wat ik ook merk: je ziet mensen opknappen door die persoonlijke aandacht.’

Maatwerk

Als het gaat om wat een vrijwilliger moet doen, is Bedia duidelijk: ‘Je moet maatwerk leveren, iedereen op eenzelfde manier behandelen werkt niet. Ik heb dat zelf ervaren: de werkwijze die goed liep bij mijn eerste cliënt – een soort moederlijke bemoeienis – pakte anders uit bij de tweede koppeling. Wat we samen opruimden bij het sorteren van papieren – er stonden daar wel twintig dozen met papieren – werd als ik me omdraaide weer net zo snel teruggehaald uit het oud papier. Die cliënt vond het lastig om ondersteuning te aanvaarden.’

‘Ik kreeg een tip van de coördinator: Luister naar de cliënt. Je hebt een adviserende rol, niet een bepalende rol. Vrijwilligers zijn er om te helpen, maar alleen binnen de kaders van wat de hulpvrager wil. Als je cliënt zegt: ‘ik ga die formulieren niet opsturen’, dan heb je dat uiteindelijk te respecteren. Soms zijn ze er niet klaar voor – dat was mijn grootste les. Vanuit mijn opleiding weet ik dat een oplossing soms te dichtbij komt voor een hulpvrager. Als je problemen opeens zijn opgelost – wat moet je dan, wie ben je dan?’

Tips voor nieuwe vrijwilligers

Wees niet naïef.
Stel dat je denkt: ‘ik ga iemand redden, ik ga er veel voor terugkrijgen…’ Je moet weten dat niet iedereen zit te wachten op jouw manier van hulp bieden, de deur staat niet altijd wagenwijd open als je hulp komt bieden.

Zorg dat je voorbereid bent.
Je gaat schrikken van wat je tegenkomt, je moet een lange adem hebben. Sommige hulpvragers laten eerst maar de helft van hun papierellende zien, of bellen drie keer af. En vergeet niet: je hebt te maken met kwetsbare mensen.

Een klik met de hulpvrager die je ondersteunt is belangrijk.
Wees daar eerlijk over, als het geen goede match is, is het wijs om op zoek te gaan naar andere koppeling. Aan de andere kant, je kan ook leren van een lastige match. Ga er open in, als vrijwilliger en vraag je af ‘wat kan ik hiervan leren?’

‘Heb je nog ergens post liggen?’

‘Ik had wel wat meer willen leren over de psychologie van iemand met schulden. Dat ze het spannend vinden als een hulpverlener dichtbij komt, niet iedereen zit op een hulpverlener te wachten. Het is een proces, je moet vooraf niet te veel willen. Ik hoorde van een trainer, en dat is me bijgebleven: er kunnen altijd nog weer nieuwe lijken uit de kast komen. Net als je denkt dat je klaar bent, komt er een schuld van 10.000 euro tevoorschijn. Ik heb geleerd om door te vragen: ‘Heb je nog ergens post liggen?’

Gerelateerde artikelen

“Maatwerk moet mogelijk zijn!” Programmamanager Hille Hoogland vertelt. “Ik vind het heel gaaf om een bruggenbouwer te zijn.”
Alliantiepartner LSTA organiseerde namens AVS zes trainingen Sturen op Zelfsturing voor vrijwilligerscoördinatoren. Het doel is hulpvragers zo effectief mogelijk begeleiden naar financiële (zelf)redzaamheid en een schuldenvrij bestaan. Wie zijn de mensen die deze training volgen? En wat brengt het hen? We spraken hierover met deelnemer Saida Az-Aimy.
Sabijn Lauwerier werkt als coördinator financiële vrijwilligers bij de Tussenvoorziening in Utrecht. En sinds kort is ze ook één van de contactpersonen voor de training Sturen op Zelfsturing van het LSTA.

Op de hoogte blijven?

Schrijf je dan nu in voor onze nieuwsbrief.

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt.